| Welkom op MyrofasFRPG. Op het moment zie je het forum als gast. Dat betekent dat je alleen de fora kunt zien, maar geen posts kunt lezen, en niet kunt meespelen in het spel. Zodra je je registreert kun wel meeschrijven, en heb je toegang tot nog veel meer spelersopties, zoals het aanpassen van je profiel, persoonlijke berichten sturen, verborgen fora lezen, meestemmen in polls en nog heel wat meer. Registratie is simpel, snel en volledig gratis. Speel mee! of Lees de tutorial (Je hebt wel een account, maar kunt met geen mogelijkheid inloggen? Klik op het logo voor de homepagina van Myrofas, waar de contactinformatie vermeldt staat.) Als je al een speler bent, log dan in om van alle mogelijkheden gebruik te kunnen maken: |
| Oorlogsproloog; yay :) | |
|---|---|
| Topic Started: Feb 6 2010, 03:14 PM (239 Views) | |
| Chrétienne Lefèbre-Dumas | Feb 6 2010, 03:14 PM Post #1 |
![]()
Durft net te posten
|
OORLOGSPROLOOG: PRIVËTOPIC EN HET MOEST IN KAPITALEN VAN EHRIONDAH Voorzichtig liep ze om een plas heen. De velden om Rotomagus waren overdag veilig, ’s avonds wat minder en ’s nachts wilde ze er niet wezen, maar toch wilde ze nu, na het werk, graag wat basilicum en andere kruiden plukken die ze niet in haar tuin had ofwel omdat ze overal waren, ofwel omdat ze vrijwel nergens waren, laat staan in haar tuin. Ze liep nu wat achter op de andere vrouwen, maar die gingen zometeen toch elk huns weegs. Anderen zochten hier op het veld ook wel eens hun boeltje bij elkaar, zo’n schande was het toch niet? Iedereen wist dat ze het niet breed hadden, net als iedereen dat van de rest van de mensen hier wist. Iets bewoog. Chrétienne keek op. Daar stond het weer, zoals ze het de laatste tijd wel vaker zag, haar visioen. Een lange mens, maar niet alleen langer, ook groter, om het subtiele verschil te noemen. Ze zou het misschien en engel noemen, maar hij had geen vleugels. Maar was wel blond, en op de een of andere manier mooi, maar het was niet als een mens. Maarja, over een seconde zou hij wel weer weglopen op onmenselijk snelle en lichte tred en verdwijnen. Misschien had hij haar ook wel geroepen. Ze hoefde tenslotte helemaal niet per se op dit moment bezig, ze was moe genoeg van het hooien dat nu afgelopen was, maar het was haast alsof een stem in haar hoofd zei dat er op deze plek veel kruiden stonden en dat ze die maar beter kon plukken voor iemand anders het deed. Helaas bleek dat niet waar te zijn, en zo bleek maar dat je niet kon vertrouwen op vaagheden als voorgevoelens. Hoewel ze naar de man keek, ging hij niet weg. Ze verbaasde zich erover. Zou praten ook in een visioen thuishoren? Chréthienne dacht dat het in de bijbel wel voorgekomen was, maar hoe kon ze zoiets ook weten, het was tenslotte geschreven en in het latijn. En ze had er natuurlijk geen thuis. Maar ze liet de engel het initiatief, ze wilde niet als een nieuwsgierig of bange mens overkomen, maar stiekem was ze dat wel. Als ze iets zei, zou ze een heel verkeerde indruk kunnen wekken, of zei dat iets over haar karakter dat slecht was, zoals vaak in verhalen, dat elke luisteraar wist dat de persoon iets niet moest doen, maar hij het vervolgens wel deed. Ze had haast het gevoel dat ze in zo’n verhaal beland was. |
![]() |
|
| Beritanon An’Thiaman | Mar 1 2010, 08:09 PM Post #2 |
|
Durft net te posten
|
Zwijgend stond hij aan de rand van het veld, in de schaduw van een boom. Niet dat die nog veel schaduw gaf, nu de zon achter de wolken onderging en de maan nog niet te zien was. Hij was al een lange tijd in de omgeving van dit dorp, toekijkend, observerend, overwegend. Nu was het tijd om zijn plan uit te voeren. Alleen het tijdstip moest nog bepaald worden. Het zat hem mee. Hij had gevreesd vele avonden te moeten wachten op een geschikte gelegenheid. Maar daar was de persoon die hij op het oog had, en nog wel helemaal alleen. Ze kon hem nog niet zien, wat maar goed ook was. Hij was nu te duidelijk als niet-mens herkenbaar. Natuurlijk droeg hij zijn blonde pruik, want hij had ontdekt dat mensen een stuk minder argwanend waren tegen iemand met blond haar, dan tegen iemand die zwart haar met witte strepen had. Nu moest hij alleen nog zijn oren rond maken, als mensenoren. Het was geen moeilijke illusie. Hij had hem al vaak met succes gebruikt en had al sinds jaar en dag geen spiegel meer nodig om te weten dat de illusie goed gelukt was. Onbeweeglijk keek hij toe hoe de vrouw het veld naderde. Met een klein beetje wilsmagie trok hij haar verder. Niet al te opvallend, want ze moest geen argwaan krijgen. Maar weglopen was ook geen optie. Als ze nu bang voor hem werd, zou hij weer helemaal opnieuw moeten beginnen. Ze keek hem aan. Hij stapte langzaam uit de schaduw en maakte een zwierige buiging. Zijn mantel zwierde met hem mee en onthulde de kleding die hij droeg - sierlijke kleding, passend bij een edelman. 'Edele vrouwe, mag ik u een moment lastig vallen met een vraag?' Zijn stem klonk vast, ietwat bevelend. Het was duidelijk dat hij niet gewend was tegengesproken of genegeerd te worden. Het was een eer om door hem aangesproken te worden. Dat waren tenminste de indrukken die met zijn stem meekwamen en zich, als het goed is, nu ergens in de gevoelens van de vrouw nestelden. |
![]() |
|
| Chrétienne Lefèbre-Dumas | Mar 2 2010, 11:12 AM Post #3 |
![]()
Durft net te posten
|
Hij boog voor haar! Ongelofelijk. Ofwel het was een engel, ofwel het was een edelman. Maar een edelman zou haar niets willen vragen, behalve de weg, en dan had hij dat vast aan iemand anders gevraagd en bovendien niet op haar letten, zoals ze het idee had dat hij deed. Ofzo. Een engel dus. Maar hij had geen vleugels en was ook een beetje donker. Maar misschien kwam hij wel van Maria. Een blije glimlach sierde haar gezicht. Misschien werd ze wel weer zwanger, net als Maria, of Elizabeth, of de moeder van Simson; daar hing een schilderij van in de kerk. Nee, ze moest zéker alles doen wat hij haar vroeg. "O!" Ze was verrast en wist niet wat ze moest zeggen. Wie vroeg nou of hij een vraag mocht stellen? Dat was toch al een vraag op zich? "Natuurlijk." Dat moest ies mooier kunnen. "Vanzelf..sprekend!" Vanzelf, dat zei haar moeder altijd als iets heel logisch was. 'Mama, denkt u dat hij mij aardig vindt?' 'Vanzelf, Chrétienne, wat denk je anders?' Maar het was natuurlijk anders, want dat zei de pastoor ook als hij langskwam. Misschien was dit wel een heilige, maar hij had geen gouden stralenkrans. Al met al: ze wist het niet. Maar een vraag stellen, dat was goed, of ze goed antwoord kon geven, dat was een tweede punt. |
![]() |
|
| Beritanon An’Thiaman | Mar 8 2010, 10:42 AM Post #4 |
|
Durft net te posten
|
Nu was het tijd om met zijn mooie verhaal op de proppen te komen. Hij had er lang over nagedacht en besloten dat er twee basissmoezen waren als je iets wilde bereiken. Als je ergens binnen wilde komen waar je niet geacht werd aanwezig te zijn, was het zaak te werken met een variatie op 'ik ben hier in opdracht van mijn rijke oom/opdrachtgever/belangrijke heerser.' Als je iets van iemand gedaan wilde hebben, moest je aankomen met je broertje, zusje of kind dat hulp nodig had. Het had tot nu toe altijd gewerkt. Vandaag kreeg het broertje dat hij niet had het voorrecht als excuus te dienen. Beritanon zette een paar stappen naar haar toe, maar niet zo dichtbij dat ze zijn aanwezigheid als bedreigend zou ervaren. 'Sta mij toe eerst even wat uit te leggen over mijzelf, dat maakt het wat duidelijker,' zei hij op beleefde toon. 'Mijn jongere broertje en ik zijn onderweg van ons huis in Parijs om onze zuster te bezoeken die in Bourgondië woont. Zij is vorig jaar getrouwd en heeft net een dochtertje gekregen.' Baby's deden het ook altijd goed, net als pasgetrouwde zusters. 'Mijn broertje is nog maar dertien, hij was een nakomertje, ziet u, en hij heeft nog niet vaak zulke lange reizen gemaakt. We besloten het rustig aan te doen en toen we hier in de buurt aankwamen, hebben we ons kamp opgeslagen, verderop aan de rivier, zodat we wat konden jagen.' Overbodige, nutteloze details deden het ook goed. Ze maakten een verhaal betrouwbaar. 'Helaas was mijn broertje gistermiddag zo snugger een pijl in zijn eigen voet te schieten.' Hij sloeg even zijn ogen ten hemel. 'Uiteraard heb ik hem meteen verbonden en naar ons kamp gebracht, maar vandaag begon hij koorts te krijgen.' Tijd om het verhaal af te ronden. Het was een buitenkans dat geen van de andere dorpelingen in de buurt was, maar dat zou niet altijd zou blijven. 'Ik zag u hier bezig met de kruiden en vroeg me af... ik weet dat het niet hoort, maar zou u bereid zijn mee te komen om naar mijn broertjes wond te kijken? Ik ben bang dat hij wondkoorts krijgt, en ik zou het mezelf nooit vergeven als hij zijn voet kwijtraakte... of erger...' Hij wierp haar een smekende blik toe. 'Het is niet ver,' voegde hij eraan toe, 'en uiteraard zal ik zorgen dat u veilig weer thuis komt.' Nu was het aan haar. Zou ze zijn leugens geloven? |
![]() |
|
| Chrétienne Lefèbre-Dumas | Mar 8 2010, 12:01 PM Post #5 |
![]()
Durft net te posten
|
Chrétienne keek omlaag, naar schort vol kruiden en friemelde er onzeker aan terwijl ze zacht op haar lip beet. Geen engel dus. Engelen hadden geen broers en werden niet verwond. Er was haar geleerd dat ze nooit alleen weg moest gaan. Ze was in overtreding. Er was haar geleerd dat als ze alleen ergens was, ze nooit met iemand mee moest gaan en altijd moest zorgen dat iemand in het dorp haar mogelijkerwijs kon horen. Dat was niet het geval en over het eerste was ze druk aan het nadenken. Anderzijds, als zij thuisgebracht werd door een echte edelman, zouden de buren wel eens anders naar haar kijken. Maar vermoedelijk zouden ze dan gaan roddelen over wat zij allemaal uitspookte met een edelman... Ze moest er niet eens aan denken. "Misschien kunt u beter aan de dokter vragen in het dorp, ik vrees dat ik u niet heel goed zou kunnen helpen; de dokter heeft ervoor gestudeerd..." Maar als hij aandrong wilde ze wel mee. Er kwamen wel vaker mensen bij haar om haar hulp, omdat het vaak bij haar best goed uitpakte. Wat was ze ook onnozel en verwaand te denken dat er ooit een engel aan haar zou verschijnen. Maar ze bleef omlaag kijken; een edelman recht in de ogen kijken was vast heel beledigend, helemaal omdat ze een vrouw was. Edited by Chrétienne Lefèbre-Dumas, Mar 8 2010, 12:02 PM.
|
![]() |
|
| Beritanon An’Thiaman | Mar 11 2010, 11:07 AM Post #6 |
|
Durft net te posten
|
'Maar dan zou ik het hele verhaal nog een keer aan uw dokter uit moeten leggen, nog daargelaten dat we dan een heleboel tijd kwijt zijn met het heen en weer lopen naar het dorp... Heus, het zal veel sneller zijn als u even meeloopt. Het is echt niet ver. En natuurlijk zal ik u rijkelijk belonen voor uw hulp.' Dat zou hij zeker, op manieren die ze niet zou kunnen voorzien. Met een smekende blik keek hij haar aan. 'Ik wil mijn broertje liever niet al te lang alleen laten, ziet u...' In zijn ogen zou ze alleen bezorgdheid en oprechtheid kunnen lezen. Hij had al lang geleden geleerd zijn gezichtsuitdrukkingen precies dat te laten zeggen wat het moest zeggen. Hij voerde de druk nog iets verder op. Ze moest nu meegaan, anders zou hij haar moeten dwingen. En hij had geen zin om met haar te gaan lopen zeulen als ze ook vrijwillig mee kon komen. Hij maakte een buiging. 'Ik beloof u op mijn eer als ridder dat ik u veilig weer thuis zal brengen.' Het scheelde dat hij geen ridder was. En geen eer had. En dan nu de laatste wending. Als dat het niet deed, zou niets het doen. 'Maar ja, als u zeker weet dat u niet mee wilt, zal ik zelf moeten proberen mijn broertje te redden...' Hij deed een stap achter uit, kwam 'per ongeluk' met zijn arm tegen zijn rinkelende geldbuidel aan en keek haar afwachtend, ja zelfs smekend aan. |
![]() |
|
| Chrétienne Lefèbre-Dumas | Mar 11 2010, 03:15 PM Post #7 |
![]()
Durft net te posten
|
Dat kon ze niet weigeren, toch? Voor het geld zou ze het niet doen, hoewel ze het natuurlijk niet af zou slaan; ze hadden het niet zo breed, maar daar deed ze het niet om. Dat het misschien toch zo over zou komen vond ze spijtig, want dat gaf een verkeerd beeld over haar. Ze deed niet moeilijk om misschien geld te krijgen, maar om principiële redenen en een beetje angst. Maar toen ze het even waagde naar de man zijn gezicht te kijken, zag ze dat hij heel vriendelijk keek en zelfs verdrietig. Straks... Maar de dokter was wel veel beter... "Ik zal met u meegaan." Verbaasde ze zichzelf. En dan zat ze nu nog met een dilemma; straks kon ze hem niet genezen en dan werd hij boos op haar. Dan kon ze wel gaan zeggen dat ze dat al gezegd had van tevoren, maar edelmannen waren niet zo begrijpend in zulke dingen, meestal. Maar ze kon toch een edelman niet zomaar iets weigeren? En haar man zou het ook wel fijn vinden als ze thuiskwam met een beetje geld, dan konden ze wat nieuwe stof kopen misschien, en dan kon ze een nieuw 's zondags pak maken voor hem en misschien een jurkje voor hun dochtertje. |
![]() |
|
| Beritanon An’Thiaman | Mar 15 2010, 11:44 AM Post #8 |
|
Durft net te posten
|
'Dank u wel.' Beritanon keek opgelucht en dat was niet gespeeld. Het scheelde een hoop moeite als ze vrijwillig meeging. Meteen ging hij op weg, op de voet gevolgd door de vrouw. Haastig, maar er wel voor zorgend dat ze hem bij kon houden, ging hij over de paden het bos in. Als ze hier goed de weg kende, zou ze merken dat hij niet het meest rechtstreekse pad naar de rivier nam. Maar dat zou weer verklaard worden door het feit dat het niet echt makkelijk was om langs de rivier te lopen. Toch was het misschien goed om het uit te leggen. 'We kamperen een stukje stroomopwaarts,' zei hij over zijn schouder heen, in de genoemde richting wuivend. 'Als het goed is kunnen we zometeen... Ah ja, hier.' Ze kwamen op een splitsing en hij nam het pad dat min of meer in de richting van de rivier voerde. Terwijl ze verder liepen keek hij om zich heen. Ze waren nu zo ver van het dorp, de rivier en alle grote paden af dat zelfs een toevallige voorbijganger hen niet zou opmerken. Dit was een ideale plaats voor een hinderlaag en dit was dan ook de plek waar zijn geniale plan in werking gesteld zou worden. Zelfs als het zou mislukken, zou de vrouw hem er nooit van kunnen beschuldigen dat hij haar misleid had. Iets verderop zag hij aan de rechterzijde van het pad een stukje van een hoed en hij wees op een plantje dat aan de linkerzijde groeide. 'Wat is dat ook al weer voor een kruid? Weet u dat?' Hij zou de eigenaar van de hoed er flink van langs geven vanavond. De roep van een kraai kraste door het bos, gevolgd door het gerikketik van een specht. Beritanon glimlachte. Iedereen was op de plek waar hij moest zijn. Het ging beginnen. 'We zijn er bijna,' zei hij. Dat was het teken. |
![]() |
|
| Chrétienne Lefèbre-Dumas | Mar 15 2010, 09:36 PM Post #9 |
![]()
Durft net te posten
|
Met een eerbiedig knikje reageerde ze. Want ze wist niet precies hoe ze moest reageren en had alle aandacht nodig om te kijken waar ze was. Het was al lang geleden dat ze hier geweest was; in haar kindertijd had ze daar heus wel eens gespeeld, maar ook niet zo lang en ze liepen hoe langer hoe verder weg van de bekende weg. Ze begon zich wat opgelaten te voelen. Eigenlijk was ze bang dat ze een verkeerde beslissing had genomen. Niet dat ze er nu op terug zou komen... maar het was zo ver weg. Ook niet dat ze de man niet vertrouwde, maar nu was hij zo rustig en opgewekt en vroeg hij wat over kruiden terwijl zijn broertje de vreselijkste pijnen moest lijden. Op de vraag blikte ze naar links. "Sint Janskruid, dat is Sint Janskruid." Dan was het zeker daar bij een van de bomen? |
![]() |
|
| Beritanon An’Thiaman | Mar 25 2010, 10:49 AM Post #10 |
|
Durft net te posten
|
Onmiddellijk nadat hij gezegd had dat ze er bijna waren begon het struikgewas te ritselen en sprongen er gemaskerde mannen tevoorschijn. 'Overval!' schreeuwde Beritanon. Dat was zo'n beetje het eerste - en enige - woord dat niet gelogen was. 'Vlucht!' Achter hen kwamen ook mannen tevoorschijn. Beritanon trok zijn zwaard en prikte er heldhaftig mee in de richting van de man die nu op hem afkwam. Mocht de vrouw nog ontsnappen, dan was het in ieder geval duidelijk dat hij geprobeerd had haar te beschermen. 'Laat je zwaard vallen,' zei een stem, 'en dan overleef je het misschien wil.' Beritanon zond een wanhopige blik naar de vrouw en liet zijn zwaard zakken. Hij was niet zo stom om hem al te hard te laten vallen, dan moest hij hem weer helemaal oppoetsen. 'Wat willen jullie? We hebben niets van waarde bij ons. En als u naar mij op zoek was,' hij hief zijn handen als in overgave op, 'laat dan de vrouw gaan. Zij heeft hier niets mee te maken.' 'Zwijg,' gebood de stem en: 'bind hen.' Nadat hun handen achter hun rug vastgebonden waren, gingen ze dwars door de struiken heen, in de richting van een ander bospad. Beritanon liep voorin de groep, dus kon hij de vrouw niet zien. Ze kwamen bij een klein dal, waar een man hen stond op te wachten. Een grijns lag op zich gezicht. 'Breng de vrouw daarheen,' zei hij, en gebaarde in oostelijke richting. Beritanon had geen flauw idee van wat haar te wachten stond, slavernij, gevangenschap, de dood... Het interesseerde hem ook niet. Hij had gedaan wat hij moest doen. |
![]() |
|
| 1 user reading this topic (1 Guest and 0 Anonymous) | |
| Go to Next Page | |
| « Previous Topic · Almaria · Next Topic » |
| Track Topic · E-mail Topic |
8:17 PM Sep 9
|